Het is een mooi tafereel. Elke ochtend voor negen uur rijden de eerste elftal spelers hun Toyota het terrein van Stadion De Vliert op. Naast de hoofdingang staat tegen de kassa een fiets gestald. Het is niet van één van de studenten van het naast gelegen Koning Willem I college. Maar van de Australische Declan Lambert (21). Officieel nog speler van Jong FC Den Bosch. Maar inmiddels  als linksback voor drie competitiewedstrijden op rij in de basis van de Bossche hoofdmacht.

Hij kan het zich nog precies herinneren. Woensdag 16 oktober, twee dagen voor het thuisduel tegen Roda JC, kwam Erik van der Ven naar hem toe. “De trainer gaf me een wit hesje voor 11 tegen 11. Een basiskleur. Ik probeerde de lach op mijn gezicht een beetje in te tomen. Maar ik denk dat iedereen toch aan me kon zien, hoe blij ik was. Toen wist ik dat de kans enorm zou zijn dat ik die vrijdag ook zou starten.” De dag erna kreeg Lambert, die alle competitiewedstrijden al op de bank zat, zekerheid van Van der Ven dat hij de volgende dag echt in de line-up zou staan. “Die nacht voor mijn debuut sliep ik wonderbaarlijk goed. Ik was erg moe door alle ochtendtrainingen met het eerste. Met Jong trainen we altijd pas laat in de middag, dus mijn bioritme moest toen nog even wennen.”

Die vrijdag in oktober maakte de Australiër een solide indruk tegen Roda JC. De nul werd gehouden. En Van der Ven koos de daaropvolgende wedstrijden – uit tegen de Eagles en thuis tegen Helmond Sport – wederom voor Lambert ‘op 5’. “Drie keer in de basis en drie keer een gelijkspel. Dus ik heb nog niet verloren. Maar ook niet gewonnen.” De jonge verdediger met die typisch Australische ‘mouwen-opstropen- mentaliteit’ speelde die wedstrijden sober, maar degelijk en was opvallend rustig aan de bal. “Dat is ook mijn taak. De trainer was daar heel duidelijk in. Het belangrijkste is dat ik de vleugelaanvaller uitschakel en ervoor zorg dat hij geen ballen krijgt voorgezet en er niet langs gaat. Natuurlijk wil ik ook laten zien dat ik graag mee opkom en vind ik het heerlijk om een mooie crossbal te geven waaruit wordt gescoord. Ik kijk dan ook met veel bewondering naar onze rechterflank waar Mats Deijl geweldig verdedigt en dan ook nog eens aanvallend veel bijdraagt. Hij combineert zo goed met Danny Verbeek. Maar ‘first things first’: voor mij geldt nu dat ik simpel moet spelen. Ik ben immers verdediger. Door me helemaal op mijn defensieve taken te richten, hoop ik meer minuten te mogen maken in het eerste. Uiteraard het liefst als basisspeler.” Aan zijn degelijke optreden in die drie wedstrijden was niet te zien dat Lambert van origine rechtervleugelverdediger is. “Dat is mijn favoriete plek inderdaad. Maar ik heb mijn hele voetbalcarrière ook vaak genoeg op de linkerflank gestaan. En ik ben vooral heel erg blij dat ik daar ‘mag’ spelen.”

Komende vrijdag zal blijken of trainer Van der Ven tegen Ajax wederom zal kiezen voor Lambert als linkervleugelverdediger of terugvalt op Azzeddine Dkidak, die daar eerder dit seizoen speelde. “Het is juist goed om posities dubbel bezet te hebben”, reageert Lambert als een echte sportman op die keuze. “Interne competitie houdt me scherp. Als ik niet goed presteer, weet ik dat Azzi er zal staan en honderd procent zal geven. Dat maakt ons allebei alleen maar beter.”Speelminuten voor Lambert in het eerste team betekenen een verdere stap in het uitkomen van zijn jongensdroom. “Minuten maken is nu het belangrijkste. En natuurlijk hoop ik daarmee een profcontract te verdienen. Dat is waar ik alles voor gedaan heb de afgelopen jaren.” En dat ‘alles’ is veel, heel veel. Op 19-jarige leeftijd verliet Lambert met tweelingbroer Ryan thuisland Australië. De broers speelden daar in de jeugd bij Richmond SC. De Nederlander Geert Arend Roorda sloot daar zijn carrière – die hem onder meer bracht langs Heerenveen en NEC – af. “Geert adviseerde ons naar Nederland te gaan. Technisch is het voetbal hier meer ontwikkeld en je hebt meer divisies.”  En zo kwam het dat ‘de Lambertjes’ als tieners in het vliegtuig stapten voor een lange reis naar Europa.  Zonder ouders, zonder huis, de Nederlandse taal onmachtig. Alles om die voetbaldroom waar te maken. “We mochten op proef komen bij FC Dordrecht. Roorda en onze zaakwaarnemer hadden dat samen geregeld. We verbleven daar in een Bed & Breakfast.” Daarna volgde stages bij Jong Sparta en Telstar. Overal werden de jongens afgetest. “Het was maar goed dat de reis terug naar Australië zo lang was, daarom was opgeven geen optie”, grapt de ontspannen Declan. En dan serieus: “Ryan en ik hadden elkaar. Dat heeft ons er in moeilijke tijden doorheen gesleept.”

Achilles’29 gaf de Aussies wèl een kans en de voorzitter stelde zijn huis open voor de jongens van Down Under. Na een half jaar bij de derde divisionist kreeg de tweeling een kans om op proef te komen bij Jong FC Den Bosch. “Weer met zijn tweetjes. We zijn voetballend nog nooit gescheiden geweest. Toen ik op proef kwam hier, was Ryan nog geblesseerd, maar gelukkig hield FC Den Bosch hem ook al in de gaten bij Achilles en mochten we uiteindelijk samen hier naartoe komen om het seizoen 2018-2019 te starten in het tweede elftal.” Voormalig teammanager  Vincent de Vroomen bood het duo onderdak in zijn huis in Schijndel. Inmiddels wonen de twee in Cromvoirt. En pendelen ze elke dag op de fiets heen en weer naar de FC. Een half uur heen en een half uur terug, door weer en wind. Tekenend voor zijn goede mentaliteit lacht Declan: “Ik zie dat als een goede warming-up en cooling down.”

De jongens voetballen en leven dus nog steeds samen. Onafscheidelijk. “Nou”, nuanceert Declan. “We hebben we ook weleens ruzie, haha. Om stomme, huishoudelijke dingen. Ryan is nogal slordig en makkelijk en ik wil alles op orde hebben.” Er zijn dus verschillen ondanks dat het een tweeling betreft. “Ja, we zijn twee-eiig en delen onze drive en mentaliteit, maar lijken qua uiterlijk niet op elkaar. Veel mensen geloven zelfs niet dat we ‘twins’ zijn. Ryan lijkt op onze Maleisische moeder en ik meer op mijn Engelse vader.” Het geboorteland van hun moeder staat ook op hun paspoort. Hoewel ze dus de Australische nationaliteit hebben. “Onze vader is Engelsman en is op zijn 21 voor zijn werk als accountant naar Australië gemigreerd”, verklaart Lambert. “ Daar ontmoette hij onze Maleisische moeder.” Het koppel Lambert kreeg een zoon. Daarna volgde de zwangerschap van de tweeling. Speciaal voor die bevalling vertrok het gezin tijdelijk naar Maleisië. “Daar was meer hulp rond de bevalling, Toen we een jaar waren, zijn we weer teruggekeerd naar Australië en daar opgegroeid.” Dankzij de steun van hun ouders konden de jongens de grote stap naar Holland maken. “Zij vergoeden onze onkosten hier. Mijn ouders waren natuurlijk de allereerste die ik belde toen ik hoorde dat ik tegen Roda in de basis stond. Ze waren dolblij.”

Aan de andere kant van de wereld zagen pa en ma Lambert niet alleen Declan doorbreken. Hun andere zoon Ryan, die defensieve middenvelder is en dit seizoen ook al heel vaak bij het eerste van FC Den Bosch op de bank zat, maakte zelfs eerder zijn debuut. In de eerste competitiewedstrijd van het seizoen tegen Jong PSV. “Ryan kwam er twee minuten in. Hij gaf twee passes. En die waren goed. Hij houdt me nu steeds plagerig voor: 100% nauwkeurigheid, hahaha.” Ook de  Australische voetbalbond heeft de tweeling in het vizier. En wilde Declan selecteren voor Onder 23. “Ik vind het een enorme eer en kans. Maar het zou betekenen dat ik drie weken weg ben, terwijl ik juist nu op het punt sta om hier door te breken. Ik sta er dan ook vierkant achter dat de club mij nu hier wil houden en me dus niet vrijgeeft. FC Den Bosch geeft me de kans en die wil ik gaan grijpen.”

Tekst: Anouk Klarenbeek – FC Den Bosch

Fotografie: Pro Shots