Met FC Den Bosch-Helmond Sport staat vrijdagavond 1 november alweer de derde Brabantse derby van het seizoen in Stadion De Vliert op het programma.

Helmond Sport is sinds de oprichting in 1967 vrijwel altijd in de Eerste Divisie actief geweest, maar kende in de jaren tachtig twee opvallende hoogtepunten. In 1982 werd de club kampioen van de Eerste Divisie, waarna er twee seizoenen op het hoogste niveau gespeeld mocht worden. Na de degradatie volgde in 1985 een nieuwe mijlpaal in de clubhistorie. De club bereikte in dat jaar de bekerfinale die in Utrecht werd gespeeld. Die finale werd echter verloren van FC Utrecht door een doelpunt van John van Loen in de allerlaatste minuut. De Helmonders waren in 2011 en 2012 nog tot tweemaal toe erg dicht bij promotie naar de Eredivisie, maar beide keren eindigde de club als verliezend finalist van de finale in de play-offs. Helmond Sport strandde de laatste decennia over het algemeen ergens in de middenmoot, maar was in de periodes 2003-2006 en 2011-2013 een heuse topploeg in de Eerste Divisie, die serieus meedeed in de strijd om de promotie. De laatste seizoenen lijken de resultaten van de Helmonders echter met het jaar wat minder te worden.

In een poging om het tij te keren werd Wil Boessen als trainer aangesteld, die vorig seizoen nog bij FC Den Bosch werkzaam was. Opvallend in de Helmondse selectie is dat deze afgezien van drie Belgische spelers louter bestaat uit Nederlandse voetballers. Het team bestaat uit een goede mix van ervaring en talentvolle spelers. De bekendste namen in de selectie zijn Stijn van Gassel, Guus Joppen, Ferry de Regt, Dean Koolhof en Tibeau Swinnen. Na een slechte start van de competitie begint de ploeg van Boessen de laatste weken steeds beter te voetballen, al komt dat overigens nog niet direct in de resultaten tot uiting. Aan een serie van 29 uitduels zonder zege kwam onlangs een einde toen de uitwedstrijd bij FC Dordrecht winnend werd afgesloten. Met twaalf punten uit evenzoveel wedstrijden lijkt het alsof Boessen zijn zaakjes inmiddels redelijk op orde heeft. Maar het doelsaldo van dertien goals voor en maar liefs 28 treffers tegen geeft aan dat er nog altijd veel werk te doen is voor de Limburgse trainer.