Paul Conway maakte dinsdagmiddag een opvallende entree in Stadion De Vliert. Vanuit Oostende, waar het plaatselijke KV al wat langer deel uitmaakt van het Amerikaanse netwerk en waar Conway op werkbezoek is, kwam hij in een eenvoudige huurauto aanrijden met in het kielzog de nieuwste aanwinst van FC Den Bosch. Gehuurd van datzelfde Oostende. Zo snel kan het gaan. En zo snel gaat het meestal ook. Want Conway en zijn mede-investeerders zitten niet op de bus te wachten. Het draait allemaal om actie. Geen onbezonnen, impulsieve actie, maar juist op basis van wetenschap, van track records. Of zoals hij het zelf zegt: “Wij zijn toegewijd aan data en we zijn serial bieders op de voetbalmarkt. En dat doen we het hele seizoen door. We beperken ons niet tot de transferperiodes, zoals de meeste voetbalclubs doen. Die gaan dan voor één of twee specifieke namen die ze perse willen hebben en daar lopen ze een hele tijd achteraan om die vervolgens – veel te duur – binnen te halen. Wij hebben altijd opties. Is de nummer 1 van het wensenlijstje niet haalbaar, omdat hij bijvoorbeeld niet in Nederland wil voetballen? No problem, nummer 2, 3 en 4 van het lijstje hebben vrijwel dezelfde potentie. De carrière die voor een speler in het verschiet zou kunnen liggen, kunnen wij voorspellen. Wij willen sowieso alleen spelers die geloven in ons systeem. Toevalligerwijs zijn dat regelmatig juist de spelers die in de mallemolen van het gangbare systeem verdwaald zijn geraakt.”

“Waarom FC Den Bosch?”, dat is simpel zegt Conway. “Wij zijn geïnteresseerd in clubs met lokale roots en support, en met commitment richting de jeugd. Clubs die dezelfde normen hebben als wij. Daar hoort bij dat budgetten in evenwicht zijn. Voor FC is dat ook één van de doelen. Daar ligt een uitdaging. Onze focus ligt, zeker in de eerste jaren, daarom vooral op twee gebieden: data én commercie. Beide gaan de club helpen om oude tijden te laten herleven. Data bepaalt voor een groot deel succes. In het Europese voetbal, ook in Nederland, is het een ondergeschoven kindje. Daarom investeren wij in FC Den Bosch. Data en nieuwe technologieën met real-time updates, zijn fantastische tools om de club verder uit te bouwen op een verantwoorde, duurzame manier. Op het veld en ook voor de positionering van de club daarbuiten, in de samenleving. En daarvoor zijn wij hier, we’re here to help.”

Ondertussen zet Conway zijn tanden in de lokale lekkernij. De Amerikaan kan de traktatie wel waarderen en grapt later die middag tegen VI dat hij ‘vandaag eigenlijk hier is voor de Bossche bol’. Daar kunnen Conway en de zijnen nog veel vaker van proeven, want ze hebben een lange adem voor het FC Den Bosch-project. “We blijven zolang we welkom zijn. Zolang de fans ons willen. Bij Nice waren we maar drie jaar betrokken. We haalden de Champions League en de mensen wilden meer en waren bereid de opleidingsgedachte, de focus op jeugd en de weg van de geleidelijkheid los te laten. Dat is niet onze weg. We leren steeds meer over de lokale culturen en gebruiken van de clubs waar we participeren. Daar gaan we respectvol mee om. We begrijpen dat verandering soms weerstand oproept.”

Wethouder Huib van Olden, die Conway namens de stad is komen verwelkomen, vindt direct aansluiting bij de data-driven motivatie van de nieuwe investeerders. Den Bosch is de enige stad met een data-universiteit. Het is ook de enige universiteit die de stad rijk is en een positionering als dé data-stad van Nederland is iets waar in de stadskantoren hard aan wordt gewerkt.  Conway is aangenaam verrast met dat nieuws en ziet direct mogelijkheden voor samenwerkingen op allerlei gebied. De mannen beloven elkaar volgend maand verder te praten.

Ook Joost Eijsink, één van de investeerder van Forza FC Den Bosch B.V. en tevens bestuurder van die groep, is razend enthousiast over de mogelijkheden van de nieuwe structuur met investeerders. De bestaande en buitenlandse investeerders vullen elkaar fantastisch aan. We zijn blij dat we deze partners hebben gevonden. “Eigenlijk hebben wij jullie gevonden”, lacht Conway die ruim een jaar geleden een eerste mail aan Rob Almering verstuurde. Wie wie heeft gevonden en dat het best lang duurde voordat de samenwerking kon worden beklonken, het doet er allemaal niet meer toe. “We hebben elkaar gevonden in een gedeelde visie voor FC Den Bosch. Dit wordt een grote reset voor de club”, vervolgt Eijsink. “Eentje waar we niet eerst scherven hoeven te ruimen, voordat we kunnen bouwen, maar waar we meteen aan de slag kunnen.
Ik zit sinds 2005, pas relatief kort, als sponsor bij deze club. In Forza zitten mensen die hun hart zo’n beetje bij geboorte al aan de club verloren hebben. De afgelopen jaren moest er heel wat water door de Dieze om de club overeind te houden. Eén van ons zei het – om nog maar een watermetafoor aan te halen – onlangs het meest treffend: we konden alleen maar watertrappelen, terwijl we eigenlijk gewoon een stukje wilde zwemmen. De overlevingskracht van FC Den Bosch is groot. Bij de Forza-groep, maar ook bij de supporters. Vraag hen naar hun mooiste FC herinnering en velen zullen refereren aan het Panasonic-tijdperk. Dat is ons doel, met nieuw elan successen uit oude tijden evenaren en de bijbehorende sentimenten van een winnend FC laten herleven.”